Wachtlijsten in de GGZ blijven hardnekkig: wat nu voor wie hulp zoekt?

Wie in Nederland professionele hulp zoekt voor psychische klachten, botst nog altijd op dezelfde barriere: wachttijden die ver boven de norm liggen. De zogeheten Treeknormen schrijven voor dat een patient binnen vier weken een intakegesprek krijgt en binnen veertien weken kan starten met behandeling. In de praktijk worden die normen bij een groot deel van de GGZ-aanbieders niet gehaald, zo blijkt uit de wachttijdcijfers die de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bijhoudt.

Het Integraal Zorgakkoord (IZA), in september 2022 ondertekend door het ministerie van VWS en tientallen zorgpartijen, zou hier verandering in brengen. Betere samenwerking, meer digitale zorg en kortere wachttijden stonden hoog op de agenda. Maar meerdere jaren na ondertekening blijkt de voortgang trager dan gehoopt.

Ondertussen zoeken steeds meer mensen zelf naar alternatieven buiten de reguliere GGZ. Online aanbieders, waaronder de experts van Breinfijn, bieden programma's die direct te starten zijn, zonder verwijsbrief of wachtlijst. Voor mensen met stress-, angst- of spanningsklachten die niet langer willen wachten, vormt dat een groeiend alternatief.

(ingezonden mededeling)

Treeknormen blijven structureel buiten bereik

De NZa monitort de wachttijden bij GGZ-instellingen door het hele land en publiceert deze gegevens op haar website. Uit die overzichten blijkt keer op keer dat vooral de specialistische GGZ kampt met forse overschrijdingen. Bij diagnoses als PTSS, persoonlijkheidsstoornissen en eetstoornissen zijn wachttijden van meer dan een halfjaar geen uitzondering.

Regionale verschillen spelen daarbij een grote rol. In dunbevolkte gebieden is het aanbod beperkter, terwijl in de Randstad de vraag enorm hoog ligt. Het resultaat is hetzelfde: mensen die maanden wachten terwijl hun klachten verergeren. De huisarts en de praktijkondersteuner GGZ vangen een deel op, maar ook daar groeit de druk.

Het zorgakkoord loopt tegen de praktijk aan

Het IZA zou de GGZ toegankelijker en efficienter maken. Een van de pijlers is het concept "passende zorg": niet iedereen hoeft in de specialistische GGZ te belanden, en digitale interventies en preventie moeten meer ruimte krijgen. De Rijksoverheid informeert op haar website over de voortgang van het akkoord.

 

De implementatie verloopt echter moeizaam. Personeelstekorten in de zorg vormen een hardnekkig obstakel. Nieuwe GGZ-professionals opleiden kost jaren, en de uitstroom uit het vak is hoog. Daarbij blijkt het in de praktijk lastig om patienten naar lichtere vormen van zorg te geleiden zonder dat zij het gevoel hebben met een kluitje in het riet te worden gestuurd.

 

De belofte van meer e-health en digitale behandelingen is bovendien makkelijker uitgesproken dan waargemaakt binnen het verzekerde stelsel. Veel GGZ-instellingen werken nog grotendeels met fysieke afspraken. De verschuiving naar een hybride model kost tijd, geld en een cultuuromslag.

 

Online programma's vullen een groeiend gat

Buiten het verzekerde zorgsysteem ontwikkelt de markt voor online mentale gezondheidszorg zich sneller. Aanbieders die werken met cursussen, coaching en gestructureerde programma's bereiken een doelgroep die anders maanden op een wachtlijst staat. Bureau Breinfijn is daar een voorbeeld van: het biedt onder meer een programma van 28 weken met live coachingsessies, gericht op angst en stress, en geeft aan dat inmiddels meer dan 85.000 mensen een cursus of programma hebben gevolgd.

Zulke online hulp is niet voor iedereen geschikt. Bij ernstige psychiatrische problematiek, suicidaliteit of complexe trauma's blijft een verwijzing via de huisarts naar de GGZ noodzakelijk. Maar voor de grote groep mensen met milde tot matige klachten, zoals werkstress, spanningsgerelateerde lichamelijke klachten of paniekaanvallen, kan een online aanpak een waardevolle eerste stap zijn. Dat geldt te meer nu de reguliere route maanden vertraging oplevert.

 

Goed geinformeerd kiezen wordt steeds belangrijker

De druk op de GGZ maakt het des te relevanter dat mensen weten welke opties er zijn. Vergelijkingsplatforms helpen bij het in kaart brengen van zorgaanbieders en hun beoordelingen. Maar bij mentale gezondheidszorg wegen ook factoren als wachttijd, behandelmethode en bereikbaarheid zwaar mee.

Online programma's, de huisarts, een POH-GGZ, particuliere psychologen en de experts van Breinfijn bedienen elk een ander segment van de vraag. Niet-verzekerde hulp is daarbij niet voor iedereen financieel haalbaar, al bieden sommige werkgevers vergoedingen voor zulke trajecten. Het loont om dat na te vragen voordat je een keuze maakt.

De wachtlijsten in de GGZ zullen op korte termijn niet verdwijnen. Wie nu klachten ervaart, doet er verstandig aan niet alleen de reguliere route te bewandelen maar ook te kijken welke laagdrempelige alternatieven beschikbaar zijn. Informatie verzamelen, aanbieders vergelijken en een bewuste keuze maken is in het huidige zorglandschap geen luxe maar noodzaak.